Archief
Pepper
Pepper, een 12 jaar oud Boxer teefje, komt al jaar en dag bij ons in de praktijk. Een altijd vrolijke hond die helemaal weg van ons en haar baasjes is. Pepper is vanaf haar geboorte praktisch doof maar dankzij gebarentaal en veel liefde van haar baasjes is er een bijzondere band ontstaan. De liefde voor het Dierenziekenhuis hebben we echter moeten kopen. Net als bij mannen gaat de liefde bij Pepper door de maag. De koekjestrommel op de balie is altijd een stuk leger als Pepper weer eens langs geweest is.
Begin februari jl. was Pepper echter Pepper niet meer. Ze was erg sloom, dronk veel en bleef maar liggen. Ze kwam op het spreekuur en die dag bleef de koekjestrommel vol…
Uit onderzoek kwam naar voren dat de milt (dit is een orgaan achter de lever in de buikholte) fors vergroot was en dat Pepper ook vergrote lymfeklieren in haar hals en voor haar schouders had. Na een echo van de buik en onderzoek van haar milt en klieren kwam de slechte diagnose: Maligne lymfoom of lymfeklier kanker.
Wat nu? Pepper was al een oude dame, moet je behandelen of niet? Kan je überhaupt behandelen? Vragen die op zo’n moment plotseling naar voren komen. Je moet als baasjes beslissen over het leven van je hond.
Maligne lymfoom kan helaas niet genezen worden. Toch kunnen we een hoop doen. Het is namelijk een tumor die zeer goed op chemotherapie reageert. Nu is de automatische reactie bij de meeste mensen: “Chemotherapie, dat doe ik mijn hond niet aan!” Helaas kent iedereen wel iemand in zijn of haar familie iemand die chemotherapie heeft gehad. Associaties met haarverlies, misselijkheid en doodzieke mensen hebben we dan ook allemaal.
Hoe zit dit eigenlijk bij dieren? Bij dieren gaat het heel anders. Over het algemeen zijn de dieren niet erg ziek van de behandeling. Het meest zien we dat ze maag/darm klachten krijgen. Deze klachten zijn echter goed op te lossen met medicijnen. Haarverlies treedt eigenlijk niet op. Andere bijwerkingen komen voor maar zijn zeldzaam.
Maligne lymfoom is na de behandeling gemiddeld één jaar weg. Er zijn honden die twee jaar klachtenvrij blijven, er zijn honden die na een half jaar weer ziek worden. We behandelen een hond of kat gedurende zes maanden. Over het algemeen zijn de dieren niet ziek gedurende de behandeling en zijn de patiënten gezond. De kosten bedragen gemiddeld €2000,- in die zes maanden, afhankelijk van de grote van de hond (of kat).
Terug naar Pepper. De baasjes van Pepper wisten al snel wat ze wilden: “Als we Pepper daarmee voor een langere tijd gezond terug kunnen krijgen: graag!”
Twee maanden geleden zijn we de behandeling bij Pepper begonnen en krijgt ze gemiddeld elke twee weken een injectie. Hoe het nu met Pepper is? Het koekiemonster is weer de oude en de koekjestrommel een stuk leger! Haaruitval is er inderdaad niet; verrassend genoeg blijven er, na het kammen, op dit moment zelfs veel minder haren in de haarborstel hangen. Maar dat is niet het belangrijkste. Baasje Frank de Raadt: “We hebben onze oude Pepper weer terug! Ze eet heel goed. Na de behandeling is ze soms de volgende dag misselijk. Maar dat duurt niet lang; de dag erna speelt ze dan weer”.
Hopelijk blijft Pepper onze koekjestrommel nog lang leeg eten!
.jpg)
Kjølv
In de nachtdienst, ongeveer uur voordat dierenarts Ischa normaliter ging slapen, werd hij gebeld door Kelly, het vrouwtje van Kjølv, een jonge Noorse boskat van vier maanden oud. Kjølv had acuut diarree. “Wat moet ik doen?” vroeg Kelly. Gelukkig was Kjølv verder levendig. Daarom werd besloten dat hij de volgende (zaterdag) ochtend langs zou komen in het DZA.
De volgende dag kwam Kjølv met zijn even oude broertje Kyrre bij dierenarts Ischa op het spreekuur. De beide kittens speelden vrolijk op de behandeltafel en namen alles nieuwsgierig in zich op. Zo op het eerste gezicht leek dus alles normaal, alleen de staart van Kjølv was vies met diarree. Ischa had gevraagd wat ontlasting mee te nemen en vol goede moed ging hij dan ook aan de slag met het zakje dunne ontlasting. Ben je meteen weer wakker ’s morgens vroeg!
Diarree is een veel voorkomend probleem bij honden en katten. Bij jonge dieren (en soms ook oudere) zijn infecties geregeld de boosdoener. Jonge dieren hebben nog geen volwassen immuunsysteem waardoor ze sneller een infectie oplopen. Naast een virusinfectie komen parasitaire infecties ook geregeld voor. Wormen, Giardia en Tritrichomonas zijn de meest voorkomende parasitaire infecties bij kittens. Daarom is ontlastingonderzoek naast het algemene onderzoek, het meest belangrijk om te doen in geval van acute (en chronische) diarree.
Om deze infecties op te sporen zijn de volgende testen nodig.
Ten eerste wordt de ontlasting, zo vers mogelijk, direct onder de microscoop bekeken. Met enig geluk kan je dan in geval van infectie wormeieren vinden of zie je Giardia zwemmen. Deze laatste vind je echter lang niet altijd op die manier.
Daarom is er nog een extra test nodig om Giardia vast te stellen. Je laat een klein beetje ontlasting reageren met een speciale vloeistof welke je druppelt op een testapparaatje. Na een paar minuten zie je dan in geval van een infectie met Giardia een blauwe stip rechts onder op de controlestip opkomen (zie foto hieronder) Deze laat zien dat de test goed uitgevoerd is. Onder de microscoop zie je een klein blaasje rondjes zwemmen.
Als laatste test is er de flotatietest. Hierbij wordt de ontlasting in een speciale vloeistof opgelost. In deze vloeistof gaan wormeieren drijven. Na een paar minuten kun je al zien of deze komen bovendrijven.
Tritrichomonas is een infectie die alleen in gespecialiseerde laboratoria aangetoond kan worden maar onder de microscoop lijkt op Giardia.
.jpg)
Terug naar Kjølv. Bij Kjølv was de tweede test op Giardia duidelijk positief. Hij had dus last van Giardia wat de volgende klachten kan geven: koorts, braken en diarree. Hierdoor kunnen jonge dieren soms uitdrogen en nog meer klachten krijgen. Ook mensen en andere dieren kunnen met Giardia besmet worden. Wees daarom dus altijd voorzichtig met ontlasting!
Kjølv voelde zich echter nog vrij goed, gezien het grote aantal kopjes dat Ischa kreeg terwijl hij broertje Kyrre onderzocht. Kittens blijven leuke patiënten, mits ze niet al te ziek zijn natuurlijk. Ischa besloot Kjølv te behandelen met Panacur (fenbendazol). Dat is een effectief middel, zonder bijwerkingen, tegen Giardia en de meeste andere worminfecties. Dezelfde behandeling gold zijn broertje i.v.m. het eerder genoemde besmettingsgevaar.
Beide kittens hebben de medicatie diezelfde dag nog gekregen. Een paar dagen later lijkt het alweer beter te gaan met de ontlasting van Kjølv. Er wordt weer druk gespeeld en gesprongen hoewel hij wel een beetje beledigd was. Om zijn staart helemaal schoon te krijgen moest hij namelijk in bad!
JOYTJE
Een aantal weken geleden was Guy Veldhuizen uit Durgerdam ’s nachts in ’t IJ aan het vissen op karpers. Hij werd vergezeld door zijn vier jaar oude Shih Tzu, het teefje Joytje. Toen hij een paar meter verderop thuis wat eten ging halen, bleef Joytje zoals altijd, keurig op de vissersplek wachten.
Bij terugkomst bleek Joytje er echter niet best aan toe te zijn. Ze had een“boilie”, (het stukje deeg wat aan het vishaakje wordt gedaan) gevonden en compleet met vishaakje en al opgegeten; de lijn hing uit haar bekje.
De eigen dierenarts in Monnikendam werd uit zijn bed gebeld en bracht Joytje onder narcose omdat hij dacht dat het vishaakje in de keel zat. Het bleek echter dat het haakje dieper zat, namelijk in de slokdarm. De dierenarts kon daar niet bij en besloot Joytje door te sturen naar het Dierenziekenhuis in Amsterdam.
Na een rit van ongeveer een uur met de dierenambulance kwam Joytje om 4.00 uur ’s nachts aan bij het Dierenziekenhuis. Door de lange rit (o.a. door een open brug) was het beestje al bijna wakker uit haar narcose.
Dierenarts Maaike bracht Joytje opnieuw onder narcose waarna ze met een endoscoop (een dun slangetje met een camera) de slokdarm in ging. Het haakje was duidelijk te zien. Met een speciaal tangetje probeerde ze het haakje te pakken. Helaas zat er een weerhaak aan die stevig in de slokdarm verankerd zat.
Na een paar pogingen bleek dat het op deze wijze niet ging lukken, zonder grote schade aan de slokdarm aan te brengen. Er werd een röntgenfoto gemaakt om te kijken waar het vishaakje precies zat (zie hieronder). Op de foto was te zien dat de vishaak precies midden in de slokdarm zat. Dat houdt in dat via een operatie het vishaakje redelijk makkelijk te verwijderen zou zijn.

Om te assisteren bij de operatie, die om 05.00 uur in de ochtend plaatsvond, werd dierenarts assistente Saskia opgeroepen die snel arriveerde. Tijdens de voorbereiding van de operatie (het scheren en het aanbrengen van de ECG stickers) bemerkte Maaike echter tot haar schrik dat Joytje ineens niet meer ademde; ze bleek een acute hartstilstand te hebben! Met een adrenaline injectie in het hart en constante hartmassage lukte het echter om het hartje na ongeveer een minuut weer op gang te krijgen. Daarna werd Joytje zeker 10 minuten lang kunstmatig beademd. Toen ging ze gelukkig weer zelf ademen, eerst nog onregelmatig, maar na een kwartiertje steeds dieper en regelmatiger. Via de beademingsapparatuur en het ECG (hartbewakingsapparatuur) werd Joytje daarna goed in de gaten gehouden voor de operatie die zou volgen.
Maaike opende de huid en vond het vishaakje al snel. Het weerhaakje zat zo vast dat het niet teruggetrokken kon worden zonder de slokdarm verder te beschadigen. De haak werd doorgeduwd en kon daarna zonder problemen afgeknipt en verwijderd worden.
De slokdarm en huid werden vervolgens gehecht en toen was het afwachten hoe Joytje uit de narcose zou komen. Hoe veel minuten was haar hartje precies gestopt? Bij een hartstilstand is er altijd kans op hersenbeschadiging door zuurstoftekort.
Gedurende de dag die volgde bleef Joytje half buiten bewustzijn. Maar toen haar baasje Guy diezelfde avond op bezoek kwam, gaf ze een teken van herkenning en probeerde ze zelfs op te staan. De volgende dag bleek ze al opgeknapt en toen de hechtingen verwijderd werden, was ze weer helemaal de oude.
“Beter zelfs”, zegt baasje Guy. “Ze holt, rent, springt en speelt weer als vanouds. Ze kent alle oude commando’s nog. Alleen houdt ze me nu nóg beter in de gaten; waar ik ben, is zij ook. Behalve natuurlijk als ik met de ‘boilies’ bezig ben; dan blijft ze wijselijk uit de buurt!”

MUIS
Muis is een mannelijke Oosterse korthaar. Kenmerkend voor dit ras zijn, behalve het sociale en aanhankelijke karakter, een spitse kop, grote oren en een lange staart. Muis leek dan ook precies op een klein grijs muisje toen hij 12 jaar geleden als kitten bij zijn baasjes terecht kwam. Een aantal weken geleden werd Muis niet lekker. Normaal hield hij van eten maar nu was hij misselijk, braakte hij en had hij diarree. Daarom gingen de baasjes van Muis naar het Dierenziekenhuis om Muis na te laten kijken.
Muis kwam bij dierenarts Sanneke op het spreekuur die al snel voelde dat er in de buik een verdikking zat die daar niet thuishoorde. Besloten werd een echo van de buik te maken om te zien wat er aan de hand was.Op de echo was een verdikking rondom de darmen zichtbaar. Na verschillende onderzoeken (waaronder een bloedonderzoek) werd besloten een kijkoperatie te doen d.m.v. een laparoscopie. Hierbij wordt in de buikholte gekeken met behulp van een camera. Het was namelijk onduidelijk wat de verdikking precies was. Gedacht werd aan een tumor, een alvleesklierontsteking of een vreemd voorwerp in de darm.
Via de kijkoperatie werd vervolgens snel duidelijk wat Muis mankeerde. Muis had een zogenaamde invaginatie. Hierbij schuift een deel van de dunne darm in de dikke darm waardoor een afsluiting ontstaat. Dit veroorzaakt buikpijn. Daarnaast kan het eten niet goed meer passeren, waardoor dieren vaak gaan braken. Dit komt meestal bij hele jonge dieren voor zoals kittens en pups. Bij oudere dieren, zoals Muis, kom het minder vaak voor. Het is onduidelijk wat nu precies de oorzaak is van zo’n invaginatie.
Het “geïnvagineerde” stuk darm (de verdikking) moest verwijderd worden om het proces in de darmen weer goed te laten verlopen. Dokter Ischa haalde daarom chirurgisch een deel van de dikke en dunne darm weg waarna hij beide darmhelften weer secuur aan elkaar hechtte.
Na deze operatie ging het gelukkig snel beter met Muis. Twee weken later eet Muis als vanouds en rent hij met zijn speeltjes door het huis. Ook huisgenoot Simba wordt weer regelmatig duidelijk gemaakt wie nu eigenlijk de baas is in huis.
Sommige grijze muizen worden nu eenmaal erg groot...
Hope
Onze patiënt van de maand komt dit keer uit Roemenië!
Vrouwelijke bastaard herder, Hope, ongeveer 2 jaar oud, werd in het najaar 2008 aangereden langs de kant van de weg in Roemenië gevonden. Ze kon niet lopen; haar beide achterpoten leken verlamd. In het asiel, met 600 (!) andere honden zou ze de koude Roemeense winter niet overleven. Een adoptie in Nederland bleek gelukkig mogelijk, waarna Hope gesteriliseerd werd in het asiel. Toen de vlucht naar Nederland en zelfs al een invalidenwagentje geregeld was, zagen de adoptanten echter van de adoptie af.
Hulp werd geboden door de familie Bastiaan in Badhoevedorp die ervaring heeft met de opvang van honden uit buitenlandse asiels. Ze boden aan Hope tijdelijk op te nemen totdat er een nieuw baasje voor haar gevonden werd. Zo arriveerde Hope toch in december 2008 op Schiphol waarna ze voor consult naar het Dierenziekenhuis Amsterdam ging.
Dierenarts Maaike constateerde dat Hope erg mager en ondervoed was. Wel lief maar ook een beetje angstig. Haar achterhand was erg geatrofieerd (slechte bespiering door weinig gebruik). Ze had wel gevoel in haar achterhand maar kon niet staan, vooral op de linkerpoot niet. Deze voelde aan alsof er een oude breuk zat. Er werd een röntgenfoto gemaakt waaruit bleek dat er een oude fractuur van het dijbeenbot was. Dit bot was inmiddels alweer (op een verkeerde manier) aan elkaar gegroeid.
Op de röntgenfoto’s was gelukkig geen beschadiging aan het ruggenmerg te zien. De rechterpoot leek wel goed. Waarschijnlijk gebruikte Hope deze poot niet omdat er, door het liggen, bijna geen functioneel spierweefsel meer was en de poot wat stijf was geworden. Hope had zo lang gelegen dat ze het gebruik van die poot verleerd was.
Hope kreeg pijnstilling mee, het advies om haar voorzichtig aan steeds meer voeding te geven en een week later terug te komen om te beoordelen hoe het met die achterhand ging.
Helaas moest na een week de linkerpoot geamputeerd worden door dierenarts Maaike.
Na de operatie herstelde Hope goed maar kreeg ze Demodex, een zogenaamde “jonge honden schurft” die overgaat van moeder op pup na de geboorte. Bij geringe weerstand, zoals na een operatie, steekt het de kop op. Daarom kreeg Hope het medicijn Oramec die de mijt doodmaakt.
Nu in juni 2009, een half jaar later, gaat het steeds beter met Hope. De amputatiewond is goed genezen en het gevoel in de rechter achterpoot lijkt terug te komen. Op advies van het Dierenziekenhuis ondergaat Hope 1 x per week fysiotherapie. Het spierweefsel komt door de vele oefeningen steeds meer terug; de spieren worden dikker en sterker.
Ze doet inmiddels pogingen met haar achterpoot achter haar oor te krabben en soms likt ze de poot. Hoewel dierenarts Maaike ook haar voetje en tenen goed in de gaten houdt, lijken de vooruitzichten voorspoedig. Het is heel goed mogelijk dat Hope binnenkort op drie poten gaat lopen.
Op dit moment sjeest ze echter nog met grote snelheid in haar invalidenwagen door de tuin en zelfs door het water. Haar zwarte vacht glanst weer prachtig en Hope blijkt een uitzonderlijk lief karakter te hebben. Ze deelt zusterlijk haar eten met de vijf andere honden in huis en als een van hen op haar grote geruite kussen, midden in de voorkamer wil liggen, dan mag dat.
De familie Bastiaan wil Hope dan ook niet meer kwijt. Of ze nu wel of niet ooit helemaal goed zal kunnen lopen, voor hen doet dat er niet toe.
Wij hopen van wel, maar dat komt natuurlijk ook een beetje door haar naam.
Voor nadere informatie:
Annie
Annie is een leuke leguaan die zich graag in haar nek laat kriebelen en onder de douche nat laat spuiten. Eigenaar Ramon Hulshof is werkzaam als vrijwilliger bij de Stichting de Imperator, een stichting die zich inzet voor de opvang van uitheemse diersoorten. Annie en haar vriend Henk werden zes jaar geleden door deze stichting in beslag genomen omdat ze niet goed verzorgd werden door de toenmalige eigenaar. Het ging prima in het terrarium bij Ramon totdat hij ontdekte dat Annie een vreemd plekje aan haar staart had; vreemd van kleur en het voelde ook anders aan.
De stichting Imperator heeft goede ervaringen met het Dierenziekenhuis, dus werd Annie binnengebracht bij dierenarts Ischa. Na een uitgebreid onderzoek van de staart constateerde hij dat amputatie helaas noodzakelijk was. Annie bleek last te hebben van een infectie die de staart langzaam deed afsterven. Zou er niet tot amputatie worden overgegaan dan zou Annie niet overleven.
De keuze was dus snel gemaakt. Annie werd onder narcose gebracht en aan de ECG (hartfilmpje) monitor aangesloten. Ook kreeg ze een buisje in haar luchtpijp. Zo kreeg ze voldoende zuurstof en kon ze beademd worden. Leguanen kunnen zich schijndood houden en lang (meerdere uren) hun adem inhouden. Het is dus belangrijk de zuurstof inname goed te blijven controleren tijdens de operatie. Annie ademde echter goed door terwijl dierenarts Rosanne de bijna 1 meter lange staart amputeerde. Ook werd Annie goed warm gehouden; een reptiel is namelijk een koudbloedig dier dat zijn eigen lichaamstemperatuur niet op peil kan houden en hiervoor afhankelijk is van zijn omgeving. Na de operatie is Annie weer goed wakker geworden.
De grote staartwond werd niet gehecht. Dit, omdat het heel goed mogelijk is dat de staart voor een deel weer zal aangroeien. De kans is echter klein dat de oorspronkelijke lengte gehaald zal worden hoewel het weefsel er prima uitzag en zich snel leek te herstellen.
Na de amputatie werd pijnstilling gegeven, antibiotica toegediend en met wondzalf de wond verbonden. Dit verband moest om de vier dagen gewisseld worden; in het Dierenziekenhuis werd voorgedaan hoe Ramon dit thuis zelf kon doen. Dat blijkt inmiddels prima te gaan, Annie laat alles rustig toe.
In het wild kunnen leguanen zonder staart moeilijk overleven, hun tanden, nagels en staart zijn belangrijke wapens. Bij Ramon thuis herstelt Annie echter voorspoedig al heeft Henk wel even vreemd opgekeken toen Annie zonder staart terugkwam. Na wat wennen en snuffelen heeft hij haar echter weer helemaal geaccepteerd. Annie krijgt nu nog wat bijvoeding (fruit en groente) maar klimt weer goed rond en verlangt inmiddels naar een frisse douche!
Want elke leguaan wil er natuurlijk wel een beetje aantrekkelijk blijven uitzien.
Daarom hopen wij ook dat dit verhaal nog een hele lange staart krijgt.
Tijger deel 2
Hoe ging het verder met Tijger; de rode kater die werd binnengebracht met gebroken bekken en middenvoetsbeentjes plus een gescheurde kuitspier? Hij werd geopereerd, kreeg een pin in zijn linker pootje en om zijn rechterpoot, waar de spier gescheurd was, een spalk. Zes weken later is op de laatste röntgenfoto’s (hieronder) te zien dat er inmiddels nieuw bot is gevormd op de plaatsen van de fracturen. Het gaat dus goed met Tijger, hij kan steeds beter lopen. Wel zakt hij af en toe nog door de rechter achterpoot maar de verwachting is dat hij ook daar verder zal aansterken. Het verband om de linkerpoot is 3 keer verschoond in het Dierenziekenhuis. Daarna is het door zijn verzorgers thuis gedaan. Dit was niet mogelijk bij de poot waar de spalk omheen zat; dat vereist een kundig inpakken en moet door een dierenarts gebeuren. Tijger heeft de behandelingen lief ondergaan en liet alles rustig over zich heen komen. Niettemin heeft dierenarts Maaike de laatste röntgenfoto’s onder narcose gemaakt; dit om de rechter achterpoot zo goed mogelijk op de foto te krijgen en hem tegelijkertijd zo min mogelijk te belasten.
Tijdens de operatie, is Tijger ook gecastreerd. Hierdoor, en door het gebrek aan beweging in de bench, is hij een stuk zwaarder is geworden.
De hoop is dat hij nu iets dichter bij huis zal blijven, waardoor de kans op een aanrijding, de mogelijke oorzaak van de verwonding, minder wordt. Tijger woont op een manege waar klanten en personeel hebben bijdragen aan de kosten voor zijn herstel. Iedereen kende Tijger en was met hem begaan.
Tijdens zijn revalidatie werd hij dan ook intensief verzorgd in de bench waarin ook zijn kattenbak stond.
Al duurde dat wel te lang voor hem….
Omdat het zo goed ging met Tijger en hij duidelijk meer bewegingsbehoefte kreeg, besloten zijn verzorgers hem onlangs, in plaats van in de bench, in een afgesloten ruimte op de manege te laten lopen.
Tijger zag zijn kans schoon en ontsnapte door een klein bovenraampje wat openstond.
Als vanouds struinde hij door de weilanden; een beter bewijs voor zijn herstel is niet denkbaar!
Soms maken katten zelf wel uit wanneer ze weer beter zijn.
En dat geldt zeker voor de lieveling van een manege!
TIJGER
Twee weken geleden kwamen de 2 jaar oude kater Tijger en zijn baasje op consult bij dierenarts Rosanne Pluijmakers. Tijger was een aantal dagen in zijn eentje op pad geweest. Bij thuiskomst zag de eigenaar dat hij met zijn achterpoten sleepte. Tijger had duidelijk veel pijn.
Bij het lichamelijk onderzoek bleek dat Tijger niet goed op beide achterpoten kon steunen, het kraakte ter hoogte zijn linker ondervoet en hij had een wond op zijn rechter achterpoot. De zenuwen waren echter intact; Tijger was dus niet verlamd. Het algemeen lichamelijk onderzoek (slijmvliezen, ademhaling, hart, longen, pols en buik) toonde geen afwijkingen. Ook maakte Tijger een alerte indruk; hij was niet sloom en reageerde goed.
Onder narcose werd de wond gereinigd en geïnspecteerd. Op de röntgenfoto’s (zie hieronder) was te zien dat het bekken van Tijger op meer plaatsen gebroken was. Daarnaast bleken er twee middenvoetsbeentjes gebroken en waren fractuurdelen verplaatst. Dit soort verwondingen wordt vermoedelijk veroorzaakt door een trauma zoals een aanrijding. Fracturen groeien soms spontaan weer aan elkaar. Bij Tijger waren de fracturen echter zo ernstig dat hij geopereerd moest worden. Maar eerst kreeg hij pijnstilling en antibiotica.
Tijdens de operatie werd het bekken door de chirurg vastgezet met twee schroeven. Naast het vastzetten van het bekken, werd er ook een pennetje in het middenvoetsbeentje gezet. Bij de rechter achterpoot bleek er daarnaast nog een scheur in de kuitspier te zitten. Met beide achterpootjes in het verband en een spalk is Tijger met pijnstillers naar huis gegaan. Daar moet hij zich 6 weken rustig houden in een bench. Weliswaar niet veel bewegingsruimte, maar wel het meest rustig en veilig voor Tijger. Inmiddels heeft Rosanne zijn verband en spalk voor de eerste keer gecontroleerd en de wond verzorgd.
Het lijkt goed te gaan met Tijger; hij heeft minder pijn en herstelt voorspoedig. Of het echt helemaal goed komt zal na zes weken blijken. Na deze rustperiode worden er opnieuw röntgenfoto’s gemaakt en de voortgang van het herstel beoordeeld. We houden u op de hoogte!
Voor de operatie Na de operatie
Boris - Deel 2
Zoals we in de vorige aflevering konden lezen, liep kater Boris mank. Op de röntgenopname was te zien dat er een probleem zat in de schouder. De vraag was, wat de oorzaak van dit probleem was. Daarom zijn er verschillende onderzoeken gedaan om te kijken of we de oorzaak konden vinden.
1. Ten eerste is er een kweek gedaan op de vloeistof welke in het schoudergewricht zit. Hiermee kunnen we zien of er een bacteriële infectie aanwezig is. De kweek was steriel, dus dat was niet de oorzaak van de problemen van Boris.
2. Tevens werd de foto van de schouder beoordeeld door een radiologisch specialist. Deze zag zwelling van een schouderspier en wat schade aan de bovenarm.
3. Als laatste werd het vocht uit het gewricht nagekeken op afwijkende cellen. De patholoog zag dat er cellen te zien waren die hoorden bij een ontstekingsreactie, waarschijnlijk veroorzaakt door een val of iets dergelijks.
De uiteindelijke diagnose is dus: een ontstekingsreactie in het schoudergewricht, vermoedelijk veroorzaakt door een trauma, een val of klap op de schouder.
Gelukkig is Boris inmiddels steeds beter gaan lopen.
Vandaag kregen we te horen dat Boris alles weer goed kan.
De natuur heeft het probleem zelf weer opgelost!
Boris
Onze patiënt van de maand is een lieve kater van 7 jaar oud. Boris was al een paar keer eerder in onze praktijk geweest voor wat onschuldige kwaaltjes maar alles ging goed tot een maand geleden. Op 1 november kwam Boris bij dierenarts Sanneke de Boer op consult; hij liep mank met zijn rechter achterpootje.
Het onderzoeken van een manke kat is altijd lastig, want ze gaan nooit lopen wanneer je dat wilt. Bij een hond is het makkelijk. Het baasje neemt de hond mee aan de lijn en krijgt als opdracht: loop een stukje met de hond. Na een korte fysieke inspanning (met name voor de eigenaar) kan de dierenarts dan vaak zien aan welke poot de hond mank loopt.
Bij katten werkt het anders. Katten laten zich niet vertellen wat ze moeten doen. Aan een lijn gaan lopen zien ze al helemaal niet zitten. Leuk natuurlijk, zo’n karakter, maar wel lastig voor ons dierenartsen, in dit geval voor Sanneke. Het vermoeden was dus dat Boris mank liep met zijn rechter achterpootje. Gelukkig had de kat verder geen koorts en was hij gezond. Daarom werd er gedacht aan een kneuzing en kreeg Boris enkel wat pijnstilling mee.
Drie dagen later ging het echter slechter met Boris. Hij had koorts gekregen (40.3 graden; normaal heeft een kat een lichaamstemperatuur tussen de 38 en 39 graden) en was duidelijk ziek. Op de onderarm rechts voor was een oppervlakkige wond te zien. Gedacht werd aan een geïnfecteerde wond. Boris kreeg daarom een lang werkende antibioticuminjectie en koortsremmers. In de hoop dat het snel weer goed zou gaan met hem.
Helaas, Boris hield zich niet aan de regels en ging steeds manker lopen. Op 12 december was hij weer in onze praktijk, dit keer bij dierenarts Liesbeth Ruigendijk. Die bracht Boris onder narcose en voelde goed of er nergens afwijkingen waren. Alles leek goed, alleen leek nu de linker schouder (!) licht te kraken bij het bewegen.
We constateerden dat Boris achtereenvolgens rechts achter, rechts voor en nu links voor een probleem had. Op zo’n moment wens je als dierenarts dat je patiënt zou kunnen praten. Mensenartsen hebben het dan toch een stuk makkelijker!
Besloten werd röntgenfoto’s te maken van de linker én rechter schouder. Ook van de rechter schouder omdat je op deze wijze kleine afwijkingen kunt vergelijken met de andere schouder. Als de afwijkingen aan beide zijden te zien, zijn ze meestal niet afwijkend en geven ze geen reden tot onrust.
Bij Boris was echter een klein los stukje bot in het schoudergewricht te zien. Uit een gewrichtpunctie kwam naar voren dat het gewrichtvocht mild bloederig was, wat niet zo hoort te zijn. Het is nog de vraag wat hiervan exact de oorzaak is. Er kan een infectie in het spel zijn, of een trauma (na een val of klap bijvoorbeeld). Daarom is een bacteriekweek ingezet en zullen de foto’s door onze chirurgisch specialist bekeken worden. Volgende week hoort u hoe het verder met kater Boris gaat!

