Archief
JAM
Begin oktober 2011 kwam Jam, een ruim 14 jaar oude gecastreerde kater, voor het eerst binnen bij Dierenziekenhuis Amsterdam. Jam had al ruim een jaar suikerziekte en werd hiervoor met insuline behandeld. Zijn waardes schommelden nogal waardoor de dosering regelmatig moest worden aangepast.De avond, voordat Jam bij ons op de praktijk kwam, had zijn eigenaar hem thuis gevonden, bij de waterbak waar hij lusteloos lag maar niet at of dronk. Bij de eigen dierenarts bleek Jam opeens heel laag glucose (hypoglycemie) te hebben. De dierenarts gaf hem snel dextrose en stuurde Jam door naar het Dierenziekenhuis Amsterdam voor verder onderzoek. Bij binnenkomst was Jam heel zwak, hij kon nauwelijks staan, was heel mager (3,3kg), uitgedroogd en rook erg uit zijn bek. Dit kan een teken zijn van nierfalen en na bloed- en urineonderzoek bleek dit ook zo te zijn. (de nierwaarden: ureum en creatinine waren onmeetbaar hoog, evenals het fosfor dat ook bij nierfalen stijgt). Door nierfalen kan er ook verlies van kalium optreden via de nieren en ook deze waarde was bij Jam heel laag. Mede hierdoor kan er sprake zijn van spierzwakte waardoor een kat zich heel slap kan voelen. Dierenarts Liesbeth vreesde voor Jam zijn leven, want én suikerziekte én zo'n ernstig nierfalen is wel een heel sombere prognose. In overleg met de eigenaar van Jam werd besloten hem toch de kans te geven ervoor te gaan, gelukkig maar!!!

Jam ging meteen aan het infuus met toevoeging van kalium. Bovendien kreeg hij medicatie tegen misselijkheid, zweren in de mond en in het maagdarmkanaal (door hoog ureum kan je je heel erg misselijk voelen en bovendien kan het slijmvlies van het maagdarmkanaal beschadigd worden, waardoor er zweertjes kunnen ontstaan). Er zijn ook nog wat extra testen gedaan met de urine (er wordt getest of er sprake is van bacteriegroei in de urine en of een kat eiwitten via de nieren verliest) en een bloeddrukmeting. Gelukkig waren die waarden normaal. De eerste dagen bleef Jams glucose laag en hoefde hij dus geen insuline. Na een dag ging hij alweer eten, en knapte hij al heel snel zienderogen op. Zijn glucose begon wel weer wat te hoog te worden, waarna ook de behandeling met insuline weer werd ingesteld. De vierde dag voelde Jam zich alweer goed genoeg om naar huis te gaan. Zijn nierwaarden werden nog een keer nagekeken maar bleven, hoewel binnen meetbereik, ontzettend hoog. Gelukkig leek Jam daar niet veel last meer van te hebben. Met kaliumpoeder, Zantac (de maagbeschermer die ook tegen misselijkheid werkt) nierdieet en insuline is hij weer naar huis gegaan.
3 weken later
Jam is nog regelmatig teruggeweest voor controle (de kaliumwaarde werd regelmatig nagekeken in het bloed) en ruim 3 weken na de opname hebben we de nierwaarden nog eens getest. Ureum was weer onmeetbaar hoog! Maar nog altijd kon het Jam zijn eetlust niet bederven. Afgelopen week kwam Jam weer eens voor controle en we wisten niet wat we zagen! Hij woog weer boven de 5 kg (5 kg en 40 gram op precies te zijn) en zag er heel gezond uit! Zijn vacht glansde, hij was vrolijk en bovendien stribbelde hij tegen toen we bloed wilden afnemen. Voor ons dierenartsen niet zo handig, maar we nemen het graag voor lief, want dat betekent wel dat hij zich een heel stuk sterker voelt! De eigenaar was heel blij; Jam haalt streken uit en speelt weer. Dat laatste had hij al een jaar niet meer had gedaan!
Soms maak je als dierenarts wel eens van die wondertjes mee; het is voor ons echt een wonder dat Jam zich, ondanks die hoge waardes, nog steeds zo goed voelt! Natuurlijk mogen we niet vergeten dat Jam nog steeds ernstig nierfalen en suikerziekte heeft, maar zolang deze wonderpoes zich er niet door uit het veld laat slaan doen wij dat ook niet! En de afgelopen 3 maanden zijn in ieder geval al meer geweest dan we durfden te hopen toen Jam binnenkwam. Voor hem geldt weer duidelijk het motto: Pump up the Jam!!!
Saartje
Saartje is een vriendelijke knuffelpoes van 9 jaar oud. Samen met kater Mickey had ze het prima naar haar zin bij haar vrouwtje totdat ze eind vorig jaar last kreeg van haar blaas. Ze bleef bijna de hele dag op de bak zitten omdat ze moeilijkheden had met plassen. Na consult constateerde de dierenarts dat Saar een tumor in haar blaas had. Ze deed een biopsie (nam wat weefsel voor onderzoek weg) en stuurde dit op voor onderzoek. Helaas bleek bij de uitslag dat de tumor kwaadaardig was. Opereren leek onmogelijk gezien de grootte en de plek waar de tumor zat. Saartje werd dus met pijnstillers en tumor remmers naar huis gestuurd. Toen ze daarna ook nog bloed ging plassen, leek het einde nabij en werd een afspraak voor euthanasie gemaakt.
Voordat die afspraak kon worden nagekomen kwam het wanhopige vrouwtje van Saartje, via haar zoon, naar het Dierenziekenhuis in Amsterdam voor een second opinion. Dokter Ischa Swartz maakte een echo van de buik en zag inderdaad een grote tumor. Volgens dokter Ischa kon de tumor echter wèl operatief verwijderd worden. Hij overlegde daartoe met specialistisch chirurg Franc Viehoff die de operatie vervolgens zou gaan uitvoeren.
De operatie nam ongeveer 1,5 uur in beslag maar was wel succesvol! De tumor werd inderdaad verwijderd. Toch is het mogelijk dat er microscopisch kleine kwaadaardige cellen in de blaas zijn achter gebleven. Daarom blijft Saartje onder controle want er zit een kans in dat deze kwaadaardige cellen weer aangroeien. Ze krijgt medicijnen (Metacam) die de aangroei van kwaadaardige cellen remmen en moet over twee maanden weer terugkomen voor een controle echo. Hoewel Saartje waarschijnlijk haar verdere leventje op de Metacam en onder controle moeten blijven, gaat het op dit moment weer goed met haar! Haar eetlust is na de operatie nog niet helemaal terug, maar ze spint, praat en knuffelt inmiddels weer als de beste. Samen met Mickey en het dankbare vrouwtje, is Saartje duidelijk een tweede leven begonnen!
.jpg)
Kay
Kay, een schat van een Yorkshire Terriër van ruim 1 jaar oud, was met familie en vrienden op een zondag heerlijk buiten aan het barbecueën. Dat wil zeggen, de baasjes waren aan het barbecueën, Kay mocht toekijken. Eén van de aanwezigen ging met Kay een stuk wandelen. Helaas eindigde dit in een drama wat bijna de dood betekende voor Kay.
Kay is een reutje en ook nog eens een terriër. Een combinatie die wel eens lastig kan zijn. Terriërs denken over het algemeen dat ze de grootte hebben van een forse Rottweiler met de daarmee gepaard gaande krachten. Voor de goede orde: Kay weegt nog geen 4 kg. Dat neemt echter niet weg dat zijn enthousiasme geen grenzen kent.
Bij een van de woonboten in de buurt was net een flinke vis aan de hengel geslagen. De Duitse Herder, die hoorde bij de familie op de boot, genoot, net als Kay, van het lekkere weer buiten. Toen Kay echter vrolijk op de Duitse Herder afsprong, was deze hier niet van gediend. Misschien was hij bang dat Kay de vis zou opeten of wilde hij zijn erf beschermen, wie zal het zeggen. In ieder geval kregen de twee flink ruzie, met als eindresultaat dat Kay in de bek van de herder eindigde, flink door elkaar werd geschud en vervolgens werd weggeworpen. Kay kreeg het daarna zeer benauwd en begon op te zwellen. Op dit punt werd Ischa Swartz, dierenarts in het Dierenziekenhuis, gebeld door de dierenambulance. Of hij met grote spoed naar het Dierenziekenhuis kon komen, omdat Kay op het randje van de dood balanceerde.
Toen Ischa bij het Dierenziekenhuis aankwam was Kay inderdaad helemaal opgezwollen, verminderd bij bewustzijn en had hij zeer grote moeite met ademen. Het bleek dat Kay een scheur in de longen had, meerdere gebroken ribben en een gat in de ribwandspieren. Hierdoor kwam er lucht in de borstholte en onder de huid terecht. Dit was de oorzaak dat Kay zo snel dikker werd. Kay had dus o.a. een klaplong; een situatie waardoor je bijna niet meer kan ademen. Indien dit niet heel snel behandeld wordt, is dit dodelijk.
Kay kreeg snel een infuus met sterke pijnstilling. Daarnaast werd een thorax drain aangelegd. Dit is een slangetje die tot in de borstholte gaat. Hierlangs werd de lucht afgezogen die lekte vanuit de longen. Omdat dit lek zeer groot was, werd besloten Kay aan te sluiten op een apparaat dat dit continu afzuigt. Zodra dit aangesloten was, zag je Kay opknappen. Eindelijk lucht!
Eerst is gekeken of het “lek” in de longen vanzelf weer dichtging. 48 uur later bleek echter dat dit niet het geval was. Zodra Kay afgesloten werd van het afzuigapparaat, kreeg hij het weer heel benauwd en kwam er weer lucht onder de huid.
Om die reden werd Kay geopereerd door onze specialist chirurg voor dieren. Deze constateerde tijdens de operatie een groot lek in een hoofdbronchus (een aftakking van de grote luchtpijp) en verwijderde een longkwab.
Na de operatie is Kay nog twee dagen in het Dierenziekenhuis gebleven waar hij flink werd verwend. Daarna kon hij weer naar huis, tot grote vreugde van zijn baasjes. Hij kreeg, ter bescherming van de wond, hetzelfde rompertje aan als de kleinzoon en deelde alle knuffeltjes. Inmiddels zijn de hechtingen verwijderd en kun je zeggen dat Kay echt door het oog van de naald is gekropen.
Of hij er wat van geleerd zal hebben? Ach, hij blijft tijdens het uitlaten nu iets dichter bij het vrouwtje. Maar het blijft natuurlijk een terriër!
Easter
Op 22 oktober maakten wij kennis met Easter, een zwarte gecastreerde labrador reu van ruim 4,5 jaar oud. Easter is geboren in Zweden en had daar tot voor kort met zijn baasjes gewoond.
Easter had al 2 maanden lang last van niezen en groengekleurde snotters uit zijn linker neusgat. In Zweden had hij hiervoor ook al een dierenarts bezocht waar hij een ‘spot on’ tegen parasieten meekreeg. Dit zijn druppels die hij iedere 3 weken in zijn nek gedruppeld moest krijgen. Zijn baasje deed dit trouw, maar helaas voor Easter zonder resultaat.
Bij het algemeen onderzoek van Easter op 22 oktober werden geen bijzonderheden gevonden. Aangezien de klachten echter al 2 maanden zonder enige verbetering aanhielden, werd er besloten om in de neus te gaan kijken met een endoscoop. Het was duidelijk dat hier meer aan de hand was dan een gewone verkoudheid. Vreemde voorwerpen zoals splinters of grasaren kunnen voor deze klachten zorgen, maar ook een neuspoliep, schimmel of, in een ernstig geval, zelfs een tumor.
Easter moest voor dit onderzoek even onder narcose. Ook al doet het onderzoek geen pijn, fijn is het natuurlijk niet en we moesten goed kunnen kijken.
Vooraf werd er eerst een röntgenfoto van de neus gemaakt. Hierop vonden we aanwijzingen dat er halverwege in de linker neusholte iets aan de hand was. Vervolgens werd er met de endoscoop in de linker neusholte gekeken. Tot onze grote verbazing kwamen we daar hele kleine witte mijtjes tegen!
Dit hadden we nog niet eerder gezien. Deze neusmijt, ook wel Pseumonyssus Caninum genoemd, komt in Nederland zelden voor! Een souveniertje uit Zweden dus. Natuurlijk hebben we ook even de rechter neusholte bekeken en daar zaten de witte mijtjes uiteraard ook. Daar hadden ze echter net wat minder schade aangericht dan links. Het is ons zelfs gelukt eentje te vangen en onder de microscoop te leggen (zie plaatje rechts).
Gelukkig kan deze neusmijt goed worden behandeld en werd meteen een adequate therapie ingesteld.
Intussen hebben we van het baasje van Easter vernomen dat hij nog maar een heel enkele keer geniest heeft. Easter is energiek, blij en moeilijk uit het water te houden. Want van een Hollandse winter is een Zweedse labrador natuurlijk helemaal niet onder de indruk.
Suki
Eén van onze oudste patiënten in de praktijk is Suki Eckhart. Suki is een dame van maar liefst 22 jaar oud! Echt een oude diva met een eigen willetje. Bloed afnemen is daarom altijd weer een uitdaging bij Suki. Het toverwoord daarbij is: rust. Met veel geduld, niet teveel stress en een rustige benadering lukt dit prima. Bij voorkeur uit haar pootje, terwijl ze gekroeld wordt op haar kopje.
Nu moet er bij Suki vaak bloed afgenomen worden. Dat begon voor het eerst in februari 2006 op 18(!)-jarige leeftijd. Suki kwam bij ons met de klacht dat ze magerder werd, meer dronk en goed at. Besloten werd een bloedonderzoek te doen. Hieruit kwam naar voren dat Suki een schildklierprobleem had.
Schildklierproblemen komen bij oude katten zeer vaak voor. De schildklier maakt dan teveel hormoon aan waardoor katten af gaan vallen en veel eten en drinken. Andere symptomen kunnen zijn: braken, nierfalen, hartproblemen en een hoge bloeddruk met als gevolg blindheid en hersenbloedingen om er maar een paar te noemen. Kortom: niet leuk en, indien dit niet behandeld wordt, uiteindelijk dodelijk.
Gelukkig kunnen we schildklierproblemen goed behandelen. Bij Suki werd besloten dit met tabletten te doen die werden fijngemalen door haar eten. Suki reageerde goed op de medicatie en alles leek aanvankelijk goed te gaan. Echter, in augustus 2007 bleek bij een bloedcontrole dat haar leverwaardes fors verhoogd waren. Uiteindelijk, na verschillende onderzoeken (echografie, leverbiopten) bleek Suki ook nog eens een leverontsteking te hebben.
We zijn nu alweer anno 2010. En Suki loopt nog steeds vrolijk rond. Goed, haar medicijnkast is in die jaren wel wat uitgebreid. Maar dat hoort ook een beetje bij diva’s. Haar leverontsteking is met de medicatie echter goed onder controle. Haar schildklier ook. Voor haar intussen slechter werkende nieren krijgt Suki nierdieet, wat ze keurig opeet. De leeftijd van spelen is natuurlijk wel voorbij. Maar ze ligt graag op schoot en op haar andere lievelingsplekjes te slapen. En als de twee jongere katers in huis streken met haar uit willen halen, blaast ze nog flink van zich af. Gelijk heeft ze! Krakende wagens piepen immers het langst! Of zoals je ook kunt zeggen: leeftijd is geen ziekte!
Pepper
Pepper, een 12 jaar oud Boxer teefje, komt al jaar en dag bij ons in de praktijk. Een altijd vrolijke hond die helemaal weg van ons en haar baasjes is. Pepper is vanaf haar geboorte praktisch doof maar dankzij gebarentaal en veel liefde van haar baasjes is er een bijzondere band ontstaan. De liefde voor het Dierenziekenhuis hebben we echter moeten kopen. Net als bij mannen gaat de liefde bij Pepper door de maag. De koekjestrommel op de balie is altijd een stuk leger als Pepper weer eens langs geweest is.
Begin februari jl. was Pepper echter Pepper niet meer. Ze was erg sloom, dronk veel en bleef maar liggen. Ze kwam op het spreekuur en die dag bleef de koekjestrommel vol…
Uit onderzoek kwam naar voren dat de milt (dit is een orgaan achter de lever in de buikholte) fors vergroot was en dat Pepper ook vergrote lymfeklieren in haar hals en voor haar schouders had. Na een echo van de buik en onderzoek van haar milt en klieren kwam de slechte diagnose: Maligne lymfoom of lymfeklier kanker.
Wat nu? Pepper was al een oude dame, moet je behandelen of niet? Kan je überhaupt behandelen? Vragen die op zo’n moment plotseling naar voren komen. Je moet als baasjes beslissen over het leven van je hond.
Maligne lymfoom kan helaas niet genezen worden. Toch kunnen we een hoop doen. Het is namelijk een tumor die zeer goed op chemotherapie reageert. Nu is de automatische reactie bij de meeste mensen: “Chemotherapie, dat doe ik mijn hond niet aan!” Helaas kent iedereen wel iemand in zijn of haar familie iemand die chemotherapie heeft gehad. Associaties met haarverlies, misselijkheid en doodzieke mensen hebben we dan ook allemaal.
Hoe zit dit eigenlijk bij dieren? Bij dieren gaat het heel anders. Over het algemeen zijn de dieren niet erg ziek van de behandeling. Het meest zien we dat ze maag/darm klachten krijgen. Deze klachten zijn echter goed op te lossen met medicijnen. Haarverlies treedt eigenlijk niet op. Andere bijwerkingen komen voor maar zijn zeldzaam.
Maligne lymfoom is na de behandeling gemiddeld één jaar weg. Er zijn honden die twee jaar klachtenvrij blijven, er zijn honden die na een half jaar weer ziek worden. We behandelen een hond of kat gedurende zes maanden. Over het algemeen zijn de dieren niet ziek gedurende de behandeling en zijn de patiënten gezond. De kosten bedragen gemiddeld €2000,- in die zes maanden, afhankelijk van de grote van de hond (of kat).
Terug naar Pepper. De baasjes van Pepper wisten al snel wat ze wilden: “Als we Pepper daarmee voor een langere tijd gezond terug kunnen krijgen: graag!”
Twee maanden geleden zijn we de behandeling bij Pepper begonnen en krijgt ze gemiddeld elke twee weken een injectie. Hoe het nu met Pepper is? Het koekiemonster is weer de oude en de koekjestrommel een stuk leger! Haaruitval is er inderdaad niet; verrassend genoeg blijven er, na het kammen, op dit moment zelfs veel minder haren in de haarborstel hangen. Maar dat is niet het belangrijkste. Baasje Frank de Raadt: “We hebben onze oude Pepper weer terug! Ze eet heel goed. Na de behandeling is ze soms de volgende dag misselijk. Maar dat duurt niet lang; de dag erna speelt ze dan weer”.
Hopelijk blijft Pepper onze koekjestrommel nog lang leeg eten!
.jpg)
Kjølv
In de nachtdienst, ongeveer uur voordat dierenarts Ischa normaliter ging slapen, werd hij gebeld door Kelly, het vrouwtje van Kjølv, een jonge Noorse boskat van vier maanden oud. Kjølv had acuut diarree. “Wat moet ik doen?” vroeg Kelly. Gelukkig was Kjølv verder levendig. Daarom werd besloten dat hij de volgende (zaterdag) ochtend langs zou komen in het DZA.
De volgende dag kwam Kjølv met zijn even oude broertje Kyrre bij dierenarts Ischa op het spreekuur. De beide kittens speelden vrolijk op de behandeltafel en namen alles nieuwsgierig in zich op. Zo op het eerste gezicht leek dus alles normaal, alleen de staart van Kjølv was vies met diarree. Ischa had gevraagd wat ontlasting mee te nemen en vol goede moed ging hij dan ook aan de slag met het zakje dunne ontlasting. Ben je meteen weer wakker ’s morgens vroeg!
Diarree is een veel voorkomend probleem bij honden en katten. Bij jonge dieren (en soms ook oudere) zijn infecties geregeld de boosdoener. Jonge dieren hebben nog geen volwassen immuunsysteem waardoor ze sneller een infectie oplopen. Naast een virusinfectie komen parasitaire infecties ook geregeld voor. Wormen, Giardia en Tritrichomonas zijn de meest voorkomende parasitaire infecties bij kittens. Daarom is ontlastingonderzoek naast het algemene onderzoek, het meest belangrijk om te doen in geval van acute (en chronische) diarree.
Om deze infecties op te sporen zijn de volgende testen nodig.
Ten eerste wordt de ontlasting, zo vers mogelijk, direct onder de microscoop bekeken. Met enig geluk kan je dan in geval van infectie wormeieren vinden of zie je Giardia zwemmen. Deze laatste vind je echter lang niet altijd op die manier.
Daarom is er nog een extra test nodig om Giardia vast te stellen. Je laat een klein beetje ontlasting reageren met een speciale vloeistof welke je druppelt op een testapparaatje. Na een paar minuten zie je dan in geval van een infectie met Giardia een blauwe stip rechts onder op de controlestip opkomen (zie foto hieronder) Deze laat zien dat de test goed uitgevoerd is. Onder de microscoop zie je een klein blaasje rondjes zwemmen.
Als laatste test is er de flotatietest. Hierbij wordt de ontlasting in een speciale vloeistof opgelost. In deze vloeistof gaan wormeieren drijven. Na een paar minuten kun je al zien of deze komen bovendrijven.
Tritrichomonas is een infectie die alleen in gespecialiseerde laboratoria aangetoond kan worden maar onder de microscoop lijkt op Giardia.
.jpg)
Terug naar Kjølv. Bij Kjølv was de tweede test op Giardia duidelijk positief. Hij had dus last van Giardia wat de volgende klachten kan geven: koorts, braken en diarree. Hierdoor kunnen jonge dieren soms uitdrogen en nog meer klachten krijgen. Ook mensen en andere dieren kunnen met Giardia besmet worden. Wees daarom dus altijd voorzichtig met ontlasting!
Kjølv voelde zich echter nog vrij goed, gezien het grote aantal kopjes dat Ischa kreeg terwijl hij broertje Kyrre onderzocht. Kittens blijven leuke patiënten, mits ze niet al te ziek zijn natuurlijk. Ischa besloot Kjølv te behandelen met Panacur (fenbendazol). Dat is een effectief middel, zonder bijwerkingen, tegen Giardia en de meeste andere worminfecties. Dezelfde behandeling gold zijn broertje i.v.m. het eerder genoemde besmettingsgevaar.
Beide kittens hebben de medicatie diezelfde dag nog gekregen. Een paar dagen later lijkt het alweer beter te gaan met de ontlasting van Kjølv. Er wordt weer druk gespeeld en gesprongen hoewel hij wel een beetje beledigd was. Om zijn staart helemaal schoon te krijgen moest hij namelijk in bad!
JOYTJE
Een aantal weken geleden was Guy Veldhuizen uit Durgerdam ’s nachts in ’t IJ aan het vissen op karpers. Hij werd vergezeld door zijn vier jaar oude Shih Tzu, het teefje Joytje. Toen hij een paar meter verderop thuis wat eten ging halen, bleef Joytje zoals altijd, keurig op de vissersplek wachten.
Bij terugkomst bleek Joytje er echter niet best aan toe te zijn. Ze had een“boilie”, (het stukje deeg wat aan het vishaakje wordt gedaan) gevonden en compleet met vishaakje en al opgegeten; de lijn hing uit haar bekje.
De eigen dierenarts in Monnikendam werd uit zijn bed gebeld en bracht Joytje onder narcose omdat hij dacht dat het vishaakje in de keel zat. Het bleek echter dat het haakje dieper zat, namelijk in de slokdarm. De dierenarts kon daar niet bij en besloot Joytje door te sturen naar het Dierenziekenhuis in Amsterdam.
Na een rit van ongeveer een uur met de dierenambulance kwam Joytje om 4.00 uur ’s nachts aan bij het Dierenziekenhuis. Door de lange rit (o.a. door een open brug) was het beestje al bijna wakker uit haar narcose.
Dierenarts Maaike bracht Joytje opnieuw onder narcose waarna ze met een endoscoop (een dun slangetje met een camera) de slokdarm in ging. Het haakje was duidelijk te zien. Met een speciaal tangetje probeerde ze het haakje te pakken. Helaas zat er een weerhaak aan die stevig in de slokdarm verankerd zat.
Na een paar pogingen bleek dat het op deze wijze niet ging lukken, zonder grote schade aan de slokdarm aan te brengen. Er werd een röntgenfoto gemaakt om te kijken waar het vishaakje precies zat (zie hieronder). Op de foto was te zien dat de vishaak precies midden in de slokdarm zat. Dat houdt in dat via een operatie het vishaakje redelijk makkelijk te verwijderen zou zijn.

Om te assisteren bij de operatie, die om 05.00 uur in de ochtend plaatsvond, werd dierenarts assistente Saskia opgeroepen die snel arriveerde. Tijdens de voorbereiding van de operatie (het scheren en het aanbrengen van de ECG stickers) bemerkte Maaike echter tot haar schrik dat Joytje ineens niet meer ademde; ze bleek een acute hartstilstand te hebben! Met een adrenaline injectie in het hart en constante hartmassage lukte het echter om het hartje na ongeveer een minuut weer op gang te krijgen. Daarna werd Joytje zeker 10 minuten lang kunstmatig beademd. Toen ging ze gelukkig weer zelf ademen, eerst nog onregelmatig, maar na een kwartiertje steeds dieper en regelmatiger. Via de beademingsapparatuur en het ECG (hartbewakingsapparatuur) werd Joytje daarna goed in de gaten gehouden voor de operatie die zou volgen.
Maaike opende de huid en vond het vishaakje al snel. Het weerhaakje zat zo vast dat het niet teruggetrokken kon worden zonder de slokdarm verder te beschadigen. De haak werd doorgeduwd en kon daarna zonder problemen afgeknipt en verwijderd worden.
De slokdarm en huid werden vervolgens gehecht en toen was het afwachten hoe Joytje uit de narcose zou komen. Hoe veel minuten was haar hartje precies gestopt? Bij een hartstilstand is er altijd kans op hersenbeschadiging door zuurstoftekort.
Gedurende de dag die volgde bleef Joytje half buiten bewustzijn. Maar toen haar baasje Guy diezelfde avond op bezoek kwam, gaf ze een teken van herkenning en probeerde ze zelfs op te staan. De volgende dag bleek ze al opgeknapt en toen de hechtingen verwijderd werden, was ze weer helemaal de oude.
“Beter zelfs”, zegt baasje Guy. “Ze holt, rent, springt en speelt weer als vanouds. Ze kent alle oude commando’s nog. Alleen houdt ze me nu nóg beter in de gaten; waar ik ben, is zij ook. Behalve natuurlijk als ik met de ‘boilies’ bezig ben; dan blijft ze wijselijk uit de buurt!”

MUIS
Muis is een mannelijke Oosterse korthaar. Kenmerkend voor dit ras zijn, behalve het sociale en aanhankelijke karakter, een spitse kop, grote oren en een lange staart. Muis leek dan ook precies op een klein grijs muisje toen hij 12 jaar geleden als kitten bij zijn baasjes terecht kwam. Een aantal weken geleden werd Muis niet lekker. Normaal hield hij van eten maar nu was hij misselijk, braakte hij en had hij diarree. Daarom gingen de baasjes van Muis naar het Dierenziekenhuis om Muis na te laten kijken.
Muis kwam bij dierenarts Sanneke op het spreekuur die al snel voelde dat er in de buik een verdikking zat die daar niet thuishoorde. Besloten werd een echo van de buik te maken om te zien wat er aan de hand was.Op de echo was een verdikking rondom de darmen zichtbaar. Na verschillende onderzoeken (waaronder een bloedonderzoek) werd besloten een kijkoperatie te doen d.m.v. een laparoscopie. Hierbij wordt in de buikholte gekeken met behulp van een camera. Het was namelijk onduidelijk wat de verdikking precies was. Gedacht werd aan een tumor, een alvleesklierontsteking of een vreemd voorwerp in de darm.
Via de kijkoperatie werd vervolgens snel duidelijk wat Muis mankeerde. Muis had een zogenaamde invaginatie. Hierbij schuift een deel van de dunne darm in de dikke darm waardoor een afsluiting ontstaat. Dit veroorzaakt buikpijn. Daarnaast kan het eten niet goed meer passeren, waardoor dieren vaak gaan braken. Dit komt meestal bij hele jonge dieren voor zoals kittens en pups. Bij oudere dieren, zoals Muis, kom het minder vaak voor. Het is onduidelijk wat nu precies de oorzaak is van zo’n invaginatie.
Het “geïnvagineerde” stuk darm (de verdikking) moest verwijderd worden om het proces in de darmen weer goed te laten verlopen. Dokter Ischa haalde daarom chirurgisch een deel van de dikke en dunne darm weg waarna hij beide darmhelften weer secuur aan elkaar hechtte.
Na deze operatie ging het gelukkig snel beter met Muis. Twee weken later eet Muis als vanouds en rent hij met zijn speeltjes door het huis. Ook huisgenoot Simba wordt weer regelmatig duidelijk gemaakt wie nu eigenlijk de baas is in huis.
Sommige grijze muizen worden nu eenmaal erg groot...
Hope
Onze patiënt van de maand komt dit keer uit Roemenië!
Vrouwelijke bastaard herder, Hope, ongeveer 2 jaar oud, werd in het najaar 2008 aangereden langs de kant van de weg in Roemenië gevonden. Ze kon niet lopen; haar beide achterpoten leken verlamd. In het asiel, met 600 (!) andere honden zou ze de koude Roemeense winter niet overleven. Een adoptie in Nederland bleek gelukkig mogelijk, waarna Hope gesteriliseerd werd in het asiel. Toen de vlucht naar Nederland en zelfs al een invalidenwagentje geregeld was, zagen de adoptanten echter van de adoptie af.
Hulp werd geboden door de familie Bastiaan in Badhoevedorp die ervaring heeft met de opvang van honden uit buitenlandse asiels. Ze boden aan Hope tijdelijk op te nemen totdat er een nieuw baasje voor haar gevonden werd. Zo arriveerde Hope toch in december 2008 op Schiphol waarna ze voor consult naar het Dierenziekenhuis Amsterdam ging.
Dierenarts Maaike constateerde dat Hope erg mager en ondervoed was. Wel lief maar ook een beetje angstig. Haar achterhand was erg geatrofieerd (slechte bespiering door weinig gebruik). Ze had wel gevoel in haar achterhand maar kon niet staan, vooral op de linkerpoot niet. Deze voelde aan alsof er een oude breuk zat. Er werd een röntgenfoto gemaakt waaruit bleek dat er een oude fractuur van het dijbeenbot was. Dit bot was inmiddels alweer (op een verkeerde manier) aan elkaar gegroeid.
Op de röntgenfoto’s was gelukkig geen beschadiging aan het ruggenmerg te zien. De rechterpoot leek wel goed. Waarschijnlijk gebruikte Hope deze poot niet omdat er, door het liggen, bijna geen functioneel spierweefsel meer was en de poot wat stijf was geworden. Hope had zo lang gelegen dat ze het gebruik van die poot verleerd was.
Hope kreeg pijnstilling mee, het advies om haar voorzichtig aan steeds meer voeding te geven en een week later terug te komen om te beoordelen hoe het met die achterhand ging.
Helaas moest na een week de linkerpoot geamputeerd worden door dierenarts Maaike.
Na de operatie herstelde Hope goed maar kreeg ze Demodex, een zogenaamde “jonge honden schurft” die overgaat van moeder op pup na de geboorte. Bij geringe weerstand, zoals na een operatie, steekt het de kop op. Daarom kreeg Hope het medicijn Oramec die de mijt doodmaakt.
Nu in juni 2009, een half jaar later, gaat het steeds beter met Hope. De amputatiewond is goed genezen en het gevoel in de rechter achterpoot lijkt terug te komen. Op advies van het Dierenziekenhuis ondergaat Hope 1 x per week fysiotherapie. Het spierweefsel komt door de vele oefeningen steeds meer terug; de spieren worden dikker en sterker.
Ze doet inmiddels pogingen met haar achterpoot achter haar oor te krabben en soms likt ze de poot. Hoewel dierenarts Maaike ook haar voetje en tenen goed in de gaten houdt, lijken de vooruitzichten voorspoedig. Het is heel goed mogelijk dat Hope binnenkort op drie poten gaat lopen.
Op dit moment sjeest ze echter nog met grote snelheid in haar invalidenwagen door de tuin en zelfs door het water. Haar zwarte vacht glanst weer prachtig en Hope blijkt een uitzonderlijk lief karakter te hebben. Ze deelt zusterlijk haar eten met de vijf andere honden in huis en als een van hen op haar grote geruite kussen, midden in de voorkamer wil liggen, dan mag dat.
De familie Bastiaan wil Hope dan ook niet meer kwijt. Of ze nu wel of niet ooit helemaal goed zal kunnen lopen, voor hen doet dat er niet toe.
Wij hopen van wel, maar dat komt natuurlijk ook een beetje door haar naam.
Voor nadere informatie:
Annie
Annie is een leuke leguaan die zich graag in haar nek laat kriebelen en onder de douche nat laat spuiten. Eigenaar Ramon Hulshof is werkzaam als vrijwilliger bij de Stichting de Imperator, een stichting die zich inzet voor de opvang van uitheemse diersoorten. Annie en haar vriend Henk werden zes jaar geleden door deze stichting in beslag genomen omdat ze niet goed verzorgd werden door de toenmalige eigenaar. Het ging prima in het terrarium bij Ramon totdat hij ontdekte dat Annie een vreemd plekje aan haar staart had; vreemd van kleur en het voelde ook anders aan.
De stichting Imperator heeft goede ervaringen met het Dierenziekenhuis, dus werd Annie binnengebracht bij dierenarts Ischa. Na een uitgebreid onderzoek van de staart constateerde hij dat amputatie helaas noodzakelijk was. Annie bleek last te hebben van een infectie die de staart langzaam deed afsterven. Zou er niet tot amputatie worden overgegaan dan zou Annie niet overleven.
De keuze was dus snel gemaakt. Annie werd onder narcose gebracht en aan de ECG (hartfilmpje) monitor aangesloten. Ook kreeg ze een buisje in haar luchtpijp. Zo kreeg ze voldoende zuurstof en kon ze beademd worden. Leguanen kunnen zich schijndood houden en lang (meerdere uren) hun adem inhouden. Het is dus belangrijk de zuurstof inname goed te blijven controleren tijdens de operatie. Annie ademde echter goed door terwijl dierenarts Rosanne de bijna 1 meter lange staart amputeerde. Ook werd Annie goed warm gehouden; een reptiel is namelijk een koudbloedig dier dat zijn eigen lichaamstemperatuur niet op peil kan houden en hiervoor afhankelijk is van zijn omgeving. Na de operatie is Annie weer goed wakker geworden.
De grote staartwond werd niet gehecht. Dit, omdat het heel goed mogelijk is dat de staart voor een deel weer zal aangroeien. De kans is echter klein dat de oorspronkelijke lengte gehaald zal worden hoewel het weefsel er prima uitzag en zich snel leek te herstellen.
Na de amputatie werd pijnstilling gegeven, antibiotica toegediend en met wondzalf de wond verbonden. Dit verband moest om de vier dagen gewisseld worden; in het Dierenziekenhuis werd voorgedaan hoe Ramon dit thuis zelf kon doen. Dat blijkt inmiddels prima te gaan, Annie laat alles rustig toe.
In het wild kunnen leguanen zonder staart moeilijk overleven, hun tanden, nagels en staart zijn belangrijke wapens. Bij Ramon thuis herstelt Annie echter voorspoedig al heeft Henk wel even vreemd opgekeken toen Annie zonder staart terugkwam. Na wat wennen en snuffelen heeft hij haar echter weer helemaal geaccepteerd. Annie krijgt nu nog wat bijvoeding (fruit en groente) maar klimt weer goed rond en verlangt inmiddels naar een frisse douche!
Want elke leguaan wil er natuurlijk wel een beetje aantrekkelijk blijven uitzien.
Daarom hopen wij ook dat dit verhaal nog een hele lange staart krijgt.
Tijger deel 2
Hoe ging het verder met Tijger; de rode kater die werd binnengebracht met gebroken bekken en middenvoetsbeentjes plus een gescheurde kuitspier? Hij werd geopereerd, kreeg een pin in zijn linker pootje en om zijn rechterpoot, waar de spier gescheurd was, een spalk. Zes weken later is op de laatste röntgenfoto’s (hieronder) te zien dat er inmiddels nieuw bot is gevormd op de plaatsen van de fracturen. Het gaat dus goed met Tijger, hij kan steeds beter lopen. Wel zakt hij af en toe nog door de rechter achterpoot maar de verwachting is dat hij ook daar verder zal aansterken. Het verband om de linkerpoot is 3 keer verschoond in het Dierenziekenhuis. Daarna is het door zijn verzorgers thuis gedaan. Dit was niet mogelijk bij de poot waar de spalk omheen zat; dat vereist een kundig inpakken en moet door een dierenarts gebeuren. Tijger heeft de behandelingen lief ondergaan en liet alles rustig over zich heen komen. Niettemin heeft dierenarts Maaike de laatste röntgenfoto’s onder narcose gemaakt; dit om de rechter achterpoot zo goed mogelijk op de foto te krijgen en hem tegelijkertijd zo min mogelijk te belasten.
Tijdens de operatie, is Tijger ook gecastreerd. Hierdoor, en door het gebrek aan beweging in de bench, is hij een stuk zwaarder is geworden.
De hoop is dat hij nu iets dichter bij huis zal blijven, waardoor de kans op een aanrijding, de mogelijke oorzaak van de verwonding, minder wordt. Tijger woont op een manege waar klanten en personeel hebben bijdragen aan de kosten voor zijn herstel. Iedereen kende Tijger en was met hem begaan.
Tijdens zijn revalidatie werd hij dan ook intensief verzorgd in de bench waarin ook zijn kattenbak stond.
Al duurde dat wel te lang voor hem….
Omdat het zo goed ging met Tijger en hij duidelijk meer bewegingsbehoefte kreeg, besloten zijn verzorgers hem onlangs, in plaats van in de bench, in een afgesloten ruimte op de manege te laten lopen.
Tijger zag zijn kans schoon en ontsnapte door een klein bovenraampje wat openstond.
Als vanouds struinde hij door de weilanden; een beter bewijs voor zijn herstel is niet denkbaar!
Soms maken katten zelf wel uit wanneer ze weer beter zijn.
En dat geldt zeker voor de lieveling van een manege!
TIJGER
Twee weken geleden kwamen de 2 jaar oude kater Tijger en zijn baasje op consult bij dierenarts Rosanne Pluijmakers. Tijger was een aantal dagen in zijn eentje op pad geweest. Bij thuiskomst zag de eigenaar dat hij met zijn achterpoten sleepte. Tijger had duidelijk veel pijn.
Bij het lichamelijk onderzoek bleek dat Tijger niet goed op beide achterpoten kon steunen, het kraakte ter hoogte zijn linker ondervoet en hij had een wond op zijn rechter achterpoot. De zenuwen waren echter intact; Tijger was dus niet verlamd. Het algemeen lichamelijk onderzoek (slijmvliezen, ademhaling, hart, longen, pols en buik) toonde geen afwijkingen. Ook maakte Tijger een alerte indruk; hij was niet sloom en reageerde goed.
Onder narcose werd de wond gereinigd en geïnspecteerd. Op de röntgenfoto’s (zie hieronder) was te zien dat het bekken van Tijger op meer plaatsen gebroken was. Daarnaast bleken er twee middenvoetsbeentjes gebroken en waren fractuurdelen verplaatst. Dit soort verwondingen wordt vermoedelijk veroorzaakt door een trauma zoals een aanrijding. Fracturen groeien soms spontaan weer aan elkaar. Bij Tijger waren de fracturen echter zo ernstig dat hij geopereerd moest worden. Maar eerst kreeg hij pijnstilling en antibiotica.
Tijdens de operatie werd het bekken door de chirurg vastgezet met twee schroeven. Naast het vastzetten van het bekken, werd er ook een pennetje in het middenvoetsbeentje gezet. Bij de rechter achterpoot bleek er daarnaast nog een scheur in de kuitspier te zitten. Met beide achterpootjes in het verband en een spalk is Tijger met pijnstillers naar huis gegaan. Daar moet hij zich 6 weken rustig houden in een bench. Weliswaar niet veel bewegingsruimte, maar wel het meest rustig en veilig voor Tijger. Inmiddels heeft Rosanne zijn verband en spalk voor de eerste keer gecontroleerd en de wond verzorgd.
Het lijkt goed te gaan met Tijger; hij heeft minder pijn en herstelt voorspoedig. Of het echt helemaal goed komt zal na zes weken blijken. Na deze rustperiode worden er opnieuw röntgenfoto’s gemaakt en de voortgang van het herstel beoordeeld. We houden u op de hoogte!
Voor de operatie Na de operatie
Boris - Deel 2
Zoals we in de vorige aflevering konden lezen, liep kater Boris mank. Op de röntgenopname was te zien dat er een probleem zat in de schouder. De vraag was, wat de oorzaak van dit probleem was. Daarom zijn er verschillende onderzoeken gedaan om te kijken of we de oorzaak konden vinden.
1. Ten eerste is er een kweek gedaan op de vloeistof welke in het schoudergewricht zit. Hiermee kunnen we zien of er een bacteriële infectie aanwezig is. De kweek was steriel, dus dat was niet de oorzaak van de problemen van Boris.
2. Tevens werd de foto van de schouder beoordeeld door een radiologisch specialist. Deze zag zwelling van een schouderspier en wat schade aan de bovenarm.
3. Als laatste werd het vocht uit het gewricht nagekeken op afwijkende cellen. De patholoog zag dat er cellen te zien waren die hoorden bij een ontstekingsreactie, waarschijnlijk veroorzaakt door een val of iets dergelijks.
De uiteindelijke diagnose is dus: een ontstekingsreactie in het schoudergewricht, vermoedelijk veroorzaakt door een trauma, een val of klap op de schouder.
Gelukkig is Boris inmiddels steeds beter gaan lopen.
Vandaag kregen we te horen dat Boris alles weer goed kan.
De natuur heeft het probleem zelf weer opgelost!
Boris
Onze patiënt van de maand is een lieve kater van 7 jaar oud. Boris was al een paar keer eerder in onze praktijk geweest voor wat onschuldige kwaaltjes maar alles ging goed tot een maand geleden. Op 1 november kwam Boris bij dierenarts Sanneke de Boer op consult; hij liep mank met zijn rechter achterpootje.
Het onderzoeken van een manke kat is altijd lastig, want ze gaan nooit lopen wanneer je dat wilt. Bij een hond is het makkelijk. Het baasje neemt de hond mee aan de lijn en krijgt als opdracht: loop een stukje met de hond. Na een korte fysieke inspanning (met name voor de eigenaar) kan de dierenarts dan vaak zien aan welke poot de hond mank loopt.
Bij katten werkt het anders. Katten laten zich niet vertellen wat ze moeten doen. Aan een lijn gaan lopen zien ze al helemaal niet zitten. Leuk natuurlijk, zo’n karakter, maar wel lastig voor ons dierenartsen, in dit geval voor Sanneke. Het vermoeden was dus dat Boris mank liep met zijn rechter achterpootje. Gelukkig had de kat verder geen koorts en was hij gezond. Daarom werd er gedacht aan een kneuzing en kreeg Boris enkel wat pijnstilling mee.
Drie dagen later ging het echter slechter met Boris. Hij had koorts gekregen (40.3 graden; normaal heeft een kat een lichaamstemperatuur tussen de 38 en 39 graden) en was duidelijk ziek. Op de onderarm rechts voor was een oppervlakkige wond te zien. Gedacht werd aan een geïnfecteerde wond. Boris kreeg daarom een lang werkende antibioticuminjectie en koortsremmers. In de hoop dat het snel weer goed zou gaan met hem.
Helaas, Boris hield zich niet aan de regels en ging steeds manker lopen. Op 12 december was hij weer in onze praktijk, dit keer bij dierenarts Liesbeth Ruigendijk. Die bracht Boris onder narcose en voelde goed of er nergens afwijkingen waren. Alles leek goed, alleen leek nu de linker schouder (!) licht te kraken bij het bewegen.
We constateerden dat Boris achtereenvolgens rechts achter, rechts voor en nu links voor een probleem had. Op zo’n moment wens je als dierenarts dat je patiënt zou kunnen praten. Mensenartsen hebben het dan toch een stuk makkelijker!
Besloten werd röntgenfoto’s te maken van de linker én rechter schouder. Ook van de rechter schouder omdat je op deze wijze kleine afwijkingen kunt vergelijken met de andere schouder. Als de afwijkingen aan beide zijden te zien, zijn ze meestal niet afwijkend en geven ze geen reden tot onrust.
Bij Boris was echter een klein los stukje bot in het schoudergewricht te zien. Uit een gewrichtpunctie kwam naar voren dat het gewrichtvocht mild bloederig was, wat niet zo hoort te zijn. Het is nog de vraag wat hiervan exact de oorzaak is. Er kan een infectie in het spel zijn, of een trauma (na een val of klap bijvoorbeeld). Daarom is een bacteriekweek ingezet en zullen de foto’s door onze chirurgisch specialist bekeken worden. Volgende week hoort u hoe het verder met kater Boris gaat!